Denemarken 2004 deel 3

Odrecht onder zeil

REISTRAJECT 3: VAN KOPENHAGEN VIA AGERSO EN KIEL NAAR ENKHUIZEN

Kopenhagen (met 1.1 miljoen inwoners) is een prachtige stad die we al enkele malen zakelijk hadden bezocht. Het is echter de eerste keer dat we er met de Odrecht komen. We maken uitgebreide wandelingen en bezoeken o.a. Nyhaven, Amalienborg, de kleine zeemeermin en het prachtige winkelgebied Stroget. Overal lopen mensen te wandelen, zitten op terrasjes te lunchen (genietend van het deense smorebrod) of varen op de vele rondvaartboten. We wandelen rond in Christiania. Dit is een soort "vrijstaatje" binnen Kopenhagen waar hippies, krakers en kunstenaars wonen. Een ludiek gebied waarvan gezegd wordt dat de politie er geen toegang heeft. Het wordt ook wel "little Amsterdam" genoemd. In Kopenhagen gaan Pien en Bas van boord. Maar eerst bieden ze ons een afscheidsdiner aan in het voortreffelijke restaurant Kanalen. Op Vrijdag middag om 2 uur start er rondom ons op het haventerrein een rock- en pop festival dat tot zondagavond zal duren. Wij willen de drukte en herrie niet meemaken dus varen we weg uit Kopenhagen. Vanwege de harde wind gaat het niet ver. We komen terecht in Dragor: een haventje vlak naast het vliegveld van Kopenhagen (Kastrup) en met een prachtig uitzicht op de Oresund brug. Deze tunnel-brug werd enkele jaren geleden geopend en verbindt Kopenhagen met Malmo in Zweden. In Dragor blijven we enkele dagen liggen. Het plaatsje heeft diverse bezienswaardigheden. Nederlanders speelden een belangrijke rol. Al in de 17e eeuw vestigden zij zich hier als boeren. Ook legden zij de eerste havenpier aan. (opgemaakt 22 Augustus 2004)

Odrecht in Kopenhagen

 Dragor kunnen we uitgebreid bezichtigen. We gaan naar het Dragor museum met oude scheepsmodellen, het tussen 1910-1914 gebouwde Dragor fort waar nu een restaurant is en lopen rond in de haven met z'n vissers en loodsboot. Hier zien we ook een van de laatste 3 overgebleven teerhuisjes in Denemarken (de andere 2 staan in Aero en Assens). In dit huisje werd de teer gekookt waar vroeger de houten schepen mee werden geteerd. Na 3 dagen Dragor willen we wel eens weg. Gelukkig kan dat want de wind is sterk afgenomen. We vertrekken met zonsopgang en zullen die dag 15 uur varen en 80 mijl afleggen. Onderweg lopen we bijna vast, krijgen een motorstoring (kokend koelwater) en een vastgelopen ankerketting. Maar we maken een mooie tocht die dag langs de kust van Seeland, passeren de krijtrotsen van Stevns Klint varen langs Vordingborg en meren uiteindelijk af in de haven van het eilandje Agerso vlakbij de Grote Belt tussen Zeeland en Langeland. (opgemaakt 24 Augustus 2004).

We blijven een dag liggen in Agerso vanwege het weer. Als dat beter wordt beginnen we heel duidelijk aan de terugreis naar Nederland. We varen naar de Zuidkant van Denemarken (Nakskov fjord) en de volgende dag steken we over naar de Kieler fjord in Duitsland. En dan bevinden we ons weer op het Kieler kanaal tussen de Oostzee en de Noordzee. In Rendsburg (aan het Kieler Kanaal) ontmoeten we opnieuw de Kaat Mossel met Paul en Geeske.

Internetten en e-mailen op zee Er komt wel het een en ander voor kijken als je een internetverbiding op zee wilt hebben. Het begint met een laptop computer die aangesloten wordt op het 220 volt boordnet. Deze computer is voorzien van een speciaal modem (een soort credit card) waaraan een speciaal kabeltje wordt bevestigd dat naar de mobiele telefoon loopt. Als mobiele telefoon wordt een Nokia 5110 gebruikt. Met speciale software van de firma Peapod kan vanaf de laptop worden ingebeld via de mobiele telefoon naar de computer van Peapod. Hiertoe beschikt de software over een lijst van telefoonnummers per land. Je belt dus altijd een lokaal nummer in het land waar je op dat moment bent. Als die verbinding er eenmaal is kun je internetten en e-mails ontvangen en verzenden. Maar dat gaat allemaal niet zo snel want een mobiele telefoon gaat ca 7 keer langzamer dan een gewone telefoon. Dat betekent dat de kosten nogal kunnen oplopen. Daarom hebben we in Duitsland en Denemarken een lokale (pre-paid) Sim kaart gekocht waardoor we tegen lagere tarieven kunnen internetten. Al met al wel wat omslachtig maar toch gemakkelijk. De website wordt bijgehouden op de laptopcomputer en wekelijks met een speciaal programma (WS_FTP) per internet verzonden naar de computer van de provider in Nederland. Met een digitale camera worden de foto's gemaakt voor de website. (opgemaakt 30 Augustus 2004)

De weersvoorspelling is iedere dag slecht maar de praktijk valt wel mee. We zakken de Elbe af naar Cuxhaven waar we Zondag 29 Augustus aankomen.De weergoden zijn ons niet goed gezind want we liggen inmiddels al weer 2 dagen in Cuxhaven. Of we woensdag 2 September weg kunnen is nog onzeker bij het schrijven van deze regels. Wel is duidelijk dat er een weersverbetering op zal treden op donderdag. (opgemaakt 31 Augustus 2004).

Omdat we ook op woensdag moeten blijven liggen vanwege de harde wind besluiten we een tocht te maken naar Helgoland. Dit eiland ligt ca 30 kilometer ten noord westen van Cuxhaven en heeft een bewogen geschiedenis achter de rug. Zo is het in het verleden in het bezit van Denemarken en Engeland geweest. Nu heeft het als bizonderheid dat je er belastingvrij inkopen kan doen. Dat betekent dat er een grote hoeveelheid bezoekers per pont voor 1 dag naar het eiland toekomt.Wij nemen de pont van Cuxhaven die in ca 2 1/2 uur naar Helgoland toevaart. Wij kwamen er niet zozeer voor de belastingvrije artikelen maar meer om het gedoe rond de veerponten mee te maken. De vele toeristen die ontscheept moeten worden met kleine bootjes omdat de veerpont niet op het eiland mag aanleggen. Ook willen we wandelen over het eiland om de rode klifkust te bekijken en zijn vele vogel broedplaatsen. Op donderdag 2 september kunnen we dan eindelijk vertrekken. Het is prachtig rustig en zonnig weer geworden. In 3 dagen varen we vlot over het duitse wad. We nemen bij de rivier de Weser afscheid van Paul en Geeske met de Kaat Mossel. Zij gaan naar Bremen. Wij vallen droog en wandelen op het wad bij Minsener Oog. Wij bezoeken ook het prachtige duitse waddeneiland Baltrum en pikken op het eiland Norderney Marieke op die met de trein en pont uit Nederland is gekomen om het weekend met ons mee te varen. Alhoewel we maar 45 minuten in de haven van Norderney liggen is dat toch genoeg voor een bezoek van de duitse douane. Het douanebootje komt uit Emden en de douane gaat op deze zaterdagmiddag alle jachten langs. Het is de eerste keer deze reis dat de douane bij ons aan boord komt.

Bij Borkum komen we in de mist terecht waardoor we niet verder kunnen varen en een hoog water missen. Dat betekent dat we later deze zondagochtend heerlijk van het mooie weer kunnen genieten op een van de mooiste ankerplekken op de duitse wadden onder de Oostkust van Borkum. Omdat Marieke maandag weer moet werken zetten we haar Zondagmiddag af in Delfzijl. Van hier hebben we 2 mogelijkheden om terug te varen naar Enkhuizen: 1) over het Groningse wad en dan via Lauwersoog en Leeuwarden naar Harlingen of 2) vanaf Delfzijl via het Eemskanaal, Groningen, het Reitdiep en Zoutkamp naar Leeuwarden en Harlingen. Omdat we meer van het wad houden dan de kanalen varen we naar het Groningse wad. Ter hoogte van de Eemshaven (op de Eems) komen we plotseling in dichte mist. We melden ons bij Eemshaven radar die al het verkeer in de omgeving in de gaten houdt. Een uitvarende viskotter vaart voor ons langs en een duitse pont krijgt de opdracht ons voor te laten gaan. De duitser spreekt nederlands noch engels en de radarbemanning alleen nederlands. Er is dus duidelijk sprake van een communicatiestoring als de pont plotseling luid toeterend voor ons uit de mist opduikt en voor ons langs vaart. Gelukkig net goed gegaan. Aangekomen op het wad merken we dat de waterstand erg laag is zodat we niet in 1 tij in Lauwersoog kunnen komen. Vanwege deze lage waterstand, de voorspelde mist en de harde NO wind keren we terug naar Delfzijl. Via het Eemskanaal komen we nog diezelfde avond in Groningen. In Groningen moeten we 16 bruggen door. Complimenten voor de brugwachters want in een uur hebben we er al 14 achter de rug. We gaan door hartje Groningen en passeren o.a. het moderne museum. In het Reitdiep staat Titia aan het roer want we varen daar langs haar ouderlijke boerderij en geboortegrond. Vlak voor Dokkum ontdekken we dat er veel water in de machinekamer stroomt via de schroefas. We moeten zo snel mogelijk naar een werf die ons uit het water hijst anders lopen we vol water en zullen we zinken. Er staat inmiddels 10 cm water in de machinekamer en 4 cm in de rest van het schip. Gelukkig is er een werfje in de buurt die ons achterschip ophijst zodat de schroef niet langer in het water zit. Zo liggen we dan onverwachts in Ee aan het Dokkumer Grootdiep. Tijd genoeg om al het water er weer uit te pompen. We zullen pas door kunnen varen wanneer een en ander is gerepareerd. Hoe lang dat duurt is onzeker. (opgetekend 8 September 2004)

Reparatie in Dokkum

Wij hebben nu de tijd om op de fiets naar Dokkum te gaan. Precies 1250 jaar nadat Bonifacius er werd vermoord. Een gezellig stadje in de nazomerzon. De volgende dag komt er een nieuw onderdeel voor de schroefas per koerier uit Rotterdam. Het vervangen van het oude onderdeel is in een uurtje gepiept. Het achterschip zakt weer in het water en nog die middag varen we alweer door. Nu gaat het in 1 1/2 dag vlot via Leeuwarden, Franeker en Harlingen naar het IJsselmeer en Enkhuizen. Op 10 September meren we af op onze vertrouwde ligplaats aan de kop van de O steiger. Ingrid komt ons inzwaaien. Hiermede is een einde gekomen aan een mooie reis van 60 dagen Denemarken rond. (opgetekend 12 September 2004)